VARKENSLOKET

header

Tekst: Charlotte Vanden Hole (ILVO), Evelien Graat (ILVO), Frank Tuyttens (ILVO), Sarah De Smet (ILVO-Varkensloket)

Doel van het PPILOW* project is om het welzijn van varkens en pluimvee in vrije uitloopsystemen of onder biologische omstandigheden te maximaliseren. Via een enquête polste men bij dertien Belgische en Nederlandse varkenshouders met vrije uitloop naar hoe zij denken over dierenwelzijn en hoe zij dat inschatten op hun bedrijf. De deelnemende varkenshouders hechten veel belang aan dierenwelzijn en de verschillende deelaspecten hiervan, en schatten hun eigen welzijnsprestaties positief in. Voldoende beschikbaarheid van water en voeder en het uiten van positief gedrag werden als prioritair gezien. Op het bedrijf zelf werden de beschikbaarheid van water, beschikbaarheid van voeder en voldoende ruimte het hoogst gescoord. Uit de enquête blijkt wel dat het theoretisch belang van de diverse dierenwelzijnsaspecten hoger wordt ingeschat door de varkenshouders dan de eigenlijke toepassing ervan op hun eigen bedrijf. Dit kan erop wijzen dat ze nog enige ruimte voor verbetering zien of dat het niet altijd even haalbaar is om theoretische aspecten effectief in de praktijk toe te passen. Het aanpakken van kreupelheid is hier het duidelijkste voorbeeld van.

pig

 

De enquête is gebaseerd op de PIGLOW® app - een gratis smartphone applicatie die varkenshouders en onderzoekers kunnen gebruiken om het welzijn van varkens op bedrijven met vrije-uitloopsystemen en biologische bedrijven te monitoren. Dezelfde varkenshouders die de enquête invulden gebruikten deze app om zelfstandig het welzijn van hun varkens gedurende twee jaar te monitoren. Nadien kregen ze feedback over de eigen scores ten opzichte van gelijkaardige bedrijven (benchmarking). De resultaten van deze langdurige opvolging zullen binnenkort bekend zijn.

Wat is dierenwelzijn?

Hoewel de definities van dierenwelzijn onder de varkenshouders vrij uiteenlopend waren, keerde ‘de mogelijkheid tot het uitvoeren van dier-eigen gedrag’ (veelal verwoord als natuurlijk gedrag) zeer vaak terug. Maar liefst 10 van de 13 deelnemers integreerden dit in hun definitie. Iets meer dan de helft (7) van de varkenshouders gaven ook aan dat een correcte huisvesting van de dieren van groot belang was. Aspecten zoals properheid van de stal, voldoende ruimte, een goed stalklimaat en de aanwezigheid van verrijking werden aangehaald. Waar 6 van de varkenshouders het vrij zijn van ongemak (pijn of stress) aanhaalden, gingen 3 varkenshouders een stapje verder door te stellen dat de dieren gelukkig moeten zijn. Dit laatste sluit aan bij de tendens van de laatste jaren waarin dierenwelzijn meer is dan enkel het vermijden van negatieve invloeden maar ook het streven naar een positief welzijn omvat.

Beschikbare informatie m.b.t. dierenwelzijn

Vervolgens werd de varkenshouders gevraagd om aan te geven in welke mate ze akkoord waren met bepaalde stellingen op een schaal (bv. waarde van dierenwelzijn, info vindbaarheid, op de hoogte zijn en toepassen van diervriendelijke methodes). De stellingen werden gescoord op een schaal van 1 tot 7 (helemaal niet akkoord tot volledig akkoord). Met een gemiddelde score van 5,2/7 gaf men aan redelijk goed geïnformeerd te zijn over dierenwelzijn en diervriendelijke praktijken. Het blijkt voor de varkenshouder niet altijd gemakkelijk om de juiste informatie hierover te pakken te krijgen, noch om te weten hoe de opgedane kennis kan worden toegepast op het eigen bedrijf. Beide aspecten kregen een score van 4,8/7, wat nog enige ruimte voor verbetering laat en mogelijk aangeeft dat meer individuele begeleiding m.b.t. het insluiten van dierenwelzijn in het bedrijfsmanagement nuttig zou zijn.

Belang van vier grote welzijnsprincipes

Uit de bevraging bleek dat de varkenshouders zelf veel belang hechten aan dierenwelzijn: ze gaven hier maar liefst een score van 6,8 op 7 voor. De varkenshouders waren ook gevraagd om het belang van de vier welzijnsprincipes uit het Welfare Quality protocol® voor dierenwelzijnsbeoordelingen aan te geven: goede huisvesting, goede gezondheid, goede voeding en gepast gedrag. Alle welzijnsprincipes kregen een hoge score toebedeeld (goede gezondheid 6,8/7 - goede huisvesting, goede voeding en gepast gedrag 6,6/7).

Vijftien dierenwelzijnsaspecten: water, voeder en positief gedrag zijn prioritair

Om een gedetailleerder beeld te krijgen werden de vier welzijnsprincipes in de enquête opgedeeld in 16 dierenwelzijnsaspecten (Figuur 1). De varkenshouders werd wederom gevraagd om het belang van deze aspecten te scoren op een schaal van 7. De beschikbaarheid van water (7/7) en deze van voeder (6,9/7) scoorden bijzonder hoog en lijken dan ook prioritair te zijn voor de varkenshouders. Opvallend is dat de top 3 werd vervolledigd door het uiten van positief gedrag (6,6/7). Dit lijkt er opnieuw op te wijzen dat de varkenshouders van mening zijn dat dierenwelzijn meer is dan louter de afwezigheid van negatieve factoren of signalen. De 3 laagste scores werden toegekend aan agressief gedrag (5,8/7), hygiëne (5,8/7) en thermaal comfort (5,5/7). Echter, zelfs de laagste score van 5,5 voor thermaal comfort zat ruim boven de neutrale score van 4/7. Met andere woorden, alle 16 bevraagde deelaspecten van dierenwelzijn worden als relevant ervaren door de varkenshouders.

Dierenwelzijnsprestaties op het eigen bedrijf

Voor dezelfde 16 dierenwelzijnsaspecten werd aan de varkenshouders gevraagd om een score te geven over het toepassen ervan op hun eigen bedrijf. Ook hier scoorden de beschikbaarheid van water en voeder (beide 6,7/7) het beste (Figuur 2). De top 3 werd aangevuld door voldoende ruimte met 6,3/7; waar de 4e plaats bezet werd door het uiten van positief gedrag (6,1/7). Tot de laagst scorende aspecten behoorden opnieuw hygiëne en thermaal comfort (beide 5,3/7) en de afwezigheid van kreupelheid (5,1/7). De gelijkaardige volgorde in het theoretisch belang van de dierenwelzijnsaspecten en de toepassing op het eigen bedrijf geeft aan dat de varkenshouders van mening zijn dat zij het beste presteren op de aspecten die zij zelf belangrijk vinden. Als we beide scores vergelijken is het wel opvallend dat het theoretisch belang voor 13 van de 16 aspecten een hogere score krijgt dan de toepassing op het bedrijf. Dit is het meest opvallend voor de afwezigheid van kreupelheid, waar de theoretische score en de score voor de uitvoering op het bedrijf met 0,9 het verst uit elkaar liggen. Dit zou kunnen aangeven dat de varkenshouders nog ruimte voor verbetering zien of dat men bepaalde aspecten in theorie belangrijk vindt maar het in de praktijk moeilijk haalbaar vindt deze te verbeteren.

PPILOW1

Figuur 1: Theoretisch belang van 16 dierenwelzijnsaspecten voor de 13 varkenshouders. In de grafiek is te zien het aantal keer een bepaalde score op 7 gegeven is, alsook tussen haakjes de gemiddelde score van alle deelnemers op 7.

 

PPILOW2

Figuur 2: Inschatting van de 13 varkenshouders hoe de prestatie op het eigen bedrijf is m.b.t. 16 dierenwelzijnsaspecten. In de grafiek is te zien het aantal keer een bepaalde score op 7 gegeven is, alsook tussen haakjes de gemiddelde score van alle deelnemers op 7.

 

PPILOW staat voor ‘Poultry and Pig Low-Input and Organic Production Systems’ Welfare’. Het is een Europees Horizon 2020-project (grant agreement n°816172) met 22 partners, waaronder ILVO. Het doel van dit project is het welzijn van pluimvee en varkens in vrije uitloopsystemen of onder biologische omstandigheden te maximaliseren.