VARKENSLOKET

BEOORDELING VAN HET VERRIJKINGSMATERIAAL VOOR VARKENS

Zoals in een eerder artikel werd toegelicht zijn sinds 1 september 2018 de regels rond verrijkingsmateriaal enigszins veranderd. De Europese Commissie heeft namelijk als doel op langere termijn het staartcouperen van varkens fors af te bouwen en ziet verrijkingsmateriaal als een belangrijk instrument hierin. Voorwaarde is dat het verrijkingsmateriaal ook effectief doet waarvoor het bedoeld is: de leefomgeving van de varkens interessanter maken. Om die reden moet je nu regelmatig (minstens om de 3 maanden) de werking van het verrijkingsmateriaal voor minstens 5 hokken (waarvan minstens 2 met vleesvarkens en minstens 1 met biggen) beoordelen. De formulieren of de excel-bestanden die je daarvoor invult en bewaart moet je beschikbaar houden voor de inspectiedienst.

Het afleidingsmateriaal moet aan een aantal criteria voldoen. Eén van de belangrijkste is of de varkens voldoende interesse en/of toegang hebben en dus voldoende exploratief gedrag vertonen. Daarnaast zijn er andere indicatoren die al dan niet dierafhankelijk zijn. Om dit exploratief en ander diergedrag te beoordelen mag je kiezen uit een aantal methodes die op de webpagina van de dienst Dierenwelzijn (www.omgevingvlaanderen.be/dierenwelzijn) worden geplaatst of een andere gelijkwaardige methode. De lijst kan nog worden uitgebreid met andere of nieuwe evaluatiemethodes. Hieronder worden de momenteel vermelde methodes besproken. Het is niet nodig altijd dezelfde methode te gebruiken.

1. Volgens Welfare Quality®

BRON: Welfare Quality® - Assessment protocol for pigs, VERTALING: Departement Landbouw en Visserij

Het Welfare Quality®protocol is ontwikkeld in het kader van een groot Europees project voor het meten van dierenwelzijn op basis van vooral diergebonden criteria. Uitgangspunt zijn de 5 bekende ‘vrijheden voor het dier’ die samen het begrip welzijn omvatten: (1) vrijheid (het niet hebben) van honger en dorst; (2) vrijheid van ongemak; (3) vrijheid van pijn; verwonding en ziekte; (4) vrijheid van angst en stress en (5) vrijheid om normaal gedrag te vertonen. Hiervan zijn 4 ‘principes’ afgeleid: (1) normaal gedrag; (2) goede gezondheid; 3) goede voeding, en (4) goede huisvesting. Uit de 4 ‘principes’ zijn dan weer 12 ‘criteria’ afgeleid. Een criterium horende bij het principe ‘(1) normaal gedrag’ is bv. het criterium ‘exploratief gedrag’. Dit luik kan gebruikt worden voor het evalueren van het verrijkingsmateriaal. Hiervoor staat op de website van de dienst Dierenwelzijn een excel-bestand dat je kan invullen en dat automatisch een verrijkingsscore berekent. Vergeet niet het ingevulde bestand telkens op te slaan of af te printen en te bewaren.

Werkwijze

Deze methode vergt ongeveer een kwartier per hok, dus een uur en een kwartier per 3 maanden. De observatie van de dieren gebeurt bij voorkeur in de ochtend, de dieren zijn dan het meest actief. Zorg dat alle dieren recht staan, indien nodig klap je in je handen en wacht je 5 minuten. De observaties gebeuren vanuit de voedergang.

Print eventueel het lege excel-bestandje af en noteer 5 keer na elkaar (scan 1 t.e.m. scan 5) met telkens 2 minuten tussen hoeveel dieren op dat moment in een hok volgende activiteiten uitvoeren:

Rusten <R>

Positief sociaal gedrag vertonen <P>: snuffelen, neuscontact maken, likken, en zacht weg bewegen van een ander dier zonder dat dit dier wegvlucht of agressief gedrag vertoont
Negatief sociaal gedrag vertonen <N>: agressief gedrag, inclusief bijten, of ander sociaal gedrag waarbij het verstoorde dier agressief reageert of wegvlucht
Het onderzoeken van het hok <S>: snuffelen, neuscontact maken, likken of kauwen op de hokinrichting
het onderzoeken van het verrijkingsmateriaal <E>: spelen met of onderzoeken van stro of ander verrijkingsmateriaal
Ander gedrag vertonen <O>: het overige actieve gedrag zoals eten, drinken of lucht snuiven.

Het excel-bestand is zo opgebouwd dat je alleen de gele vakken kunt invullen. Begin met het invullen van het totaal aantal dieren, zo kun je controleren of je alle aanwezige dieren in een gedragscategorie hebt ondergebracht.

Invulvelden WQ

Figuur 1 Invulvelden WQ
Dit wordt bv.:

Ingevuld voorbeeld WQ

Figuur 2 Ingevuld voorbeeld WQ

Interpretatie

De score voor verrijking moet worden geïnterpreteerd op een schaal van 0 tot 100 waarbij 50 het neutrale punt is. Bij een score van minder dan 50 moeten extra maatregelen genomen worden (ander of meer of anders geplaatst verrijkingsmateriaal, ruwvoeder strooien,…).

In het voorbeeld voldoet het verrijkingsmateriaal net niet. Er zijn te weinig varkens die met het verrijkingsmateriaal spelen of dit onderzoeken.

Praktijkvoorbeeld

In onderstaande figuur vertonen de meeste biggen (7) positief sociaal gedrag (P), 3 biggen zijn in rust (R), 2 biggen vertonen ander gedrag (O), 1 big speelt met de ketting (E)(op de foto minder goed te zien) en 2 biggen exploreren de vloer (S). Deze groep zal goed scoren voor sociaal gedrag, maar minder voor exploratief gedrag: het verrijkingsmateriaal wordt op dit moment te weinig gebruikt.

Praktijkvoorbeelden gedrag
Figuur 3 Praktijkvoorbeelden gedrag

2. Op basis van de risicobeoordeling ‘Starten met Staarten’

BRON: WUR – VIC Sterksel m.m.v. Varkensloket en Departement Landbouw en Visserij

Om tegemoet te komen aan de bezorgdheden van de Europese Commissie met betrekking tot staartcouperen is in Nederland een risicobeoordelingsinstrument ontwikkeld. Bedoeling is het risico op staartbijten in kaart te brengen. Hoe kleiner het risico, hoe groter de kans dat varkens met intacte staarten succesvol kunnen worden gehouden. Varkensloket en Departement Landbouw en Visserij werkten mee aan een Vlaamse versie onder de noemer ‘Starten met Staarten’. Het onderdeel van de risicobeoordeling ‘Starten met Staarten’ met diergebonden indicatoren kan ook gebruikt worden voor de verplichte evaluatie van het verrijkingsmateriaal. De indicatoren zijn echter ruimer van aard en slaan ook op een goed stalklimaat en management in het algemeen.

Ook voor deze methode is een excel-bestand op de website geplaatst. Print eventueel dit bestand af en vul in de stal per hok dergelijk formulier in. Er moeten geen dieren geteld worden, je maakt zelf een inschatting van het procentuele aandeel. Ook deze methode vergt ongeveer een kwartier per hok, dus een uur en een kwartier per 3 maanden.

Invulvelden SMS

Figuur 4 Invulvelden SMS
Het excel-bestand is zo opgebouwd dat je alleen de gekleurde vakken met een dikke rand kunt invullen. Dit wordt bv.:

Ingevuld voorbeeld SMS
 
Figuur 5 Ingevuld voorbeeld SMS

Interpretatie

Heb je meer dan 3 scores in de rode zone: herevalueer je verrijkingsmateriaal , optimaliseer het stalklimaat en het management. In het voorbeeld is er maar 1 rood knipperlicht. Het grote aandeel dieren met beschadigingen wijst echter op een onderliggend probleem. Als dit in alle hokken en bij elke evaluatie het geval is wordt best in samenspraak met je erfbetreders gezocht naar verbeterpaden.

3. Exploratief gedrag –EC

De derde methode wordt door de Europese Commissie zelf voorgesteld en stond al eerder op de webpagina van de dienst dierenwelzijn. Het exploratief gedrag van de dieren wordt berekend met een formule op basis van het aantal actieve dieren (na een wachttijd van 2 minuten) die 

  • A: het aantal varkens dat het afleidingsmateriaal onderzoekt
    Tel hierbij ook de varkens die met de snuit/bek optimaal of suboptimaal materiaal (stro, hooi, hout, zaagsel, compost van champignons, turf, ruwvoer (indien dit geen deel uitmaakt van een rantsoen)) onderzoekt/kauwt of ermee speelt OF contact maakt met ander materiaal (hangend object of bal).
     
  • B: het aantal varkens dat contact maakt met andere varkens en met de uitrusting van het hok
    Tel hierbij ook de dieren die met de snuit/bek contact maakt met een ander varken, met drek, of met de grond, de inrichting of uitrusting van het hok. Kauwen met lege mond, rollen met de tong enz., wordt hier ook meegeteld. Verwar eten/drinken niet met spelen met de voederbak.

Ook voor deze methode is een excel-bestand op de website geplaatst. Print eventueel dit bestand af en vul in de stal per hok een lijn van het formulier in. Het bestand berekent automatisch een verrijkingsscore.

Ingevuld voorbeeld EC
Figuur 6 Ingevuld voorbeeld EC

4. Andere methodes

Er zijn nog andere methodes, al dan niet nog in ontwikkeling, die in aanmerking kunnen komen. Raadpleeg regelmatig de webpagina van de dienst Dierenwelzijn om eventuele bijkomende methodes te bekijken. Heb je zelf een andere methode en wil je nagaan of ze in aanmerking komt, contacteer de dienst via dierenwelzijn@vlaanderen.be  

Conclusie

Het wordt verplicht om regelmatig (driemaandelijks) je verrijking te evalueren. Hiervoor zijn verschillende methodes toegelaten. Op dit ogenblik zijn drie methodes vermeld op de website van de dienst Dierenwelzijn. Je kan naar vrijheid methodes combineren of afwisselen. Hoe meer tijd je in de methode wil investeren, hoe interessanter de informatie voor je eigen management wordt. Op lange termijn zullen niet alle staarten meer gecoupeerd kunnen worden en dan zullen deze observaties onmisbaar zijn om met succes varkens met intacte staarten te kunnen houden.

Tekst: Suzy Van Gansbeke (Departement Landbouw en Visserij), Sarah De Smet (Varkensloket) en Karlien Depaepe (Dienst Dierenwelzijn)