Ken (je) getallen: Praktijkinformatie voor de varkenshouder 2013 in het teken van kengetallen

Op 21 en 28 november gingen twee studiedagen door waarbij ‘kengetallen’ centraal stonden. Met een opkomst van een 250-tal aanwezigen konden deze studiedagen rekenen op een ruime interesse.

Een goede kennis van de kengetallen op uw bedrijf is noodzakelijk voor een goede bedrijfsvoering. De doelstelling van het demonstratieproject ‘Economische en technische kengetallen in het moderne varkensbedrijf’ was om varkenshouders te helpen bij het interpreteren van hun kengetallen. De uitvoerders wilden aantonen dat door acties de kengetallen kunnen worden bijgestuurd en geoptimaliseerd. Tijdens de studiedagen werd gefocust op enkele kengetallen uit de vleesvarkens- en zeugenhouderij. Daarnaast werden hulpmiddelen om de kengetallen te bepalen toegelicht. In een volgende presentatie werden enkele alternatieven voor een verantwoord antibioticumgebruik bij het spenen aangehaald. Tot slot werd de rekentool Pigs2win gedemonstreerd, waarmee het bruto saldo en de kengetallen kunnen worden geanalyseerd.

Kengetallen in de vleesvarkenshouderij (Jos Van Thielen)

Een kengetal is een kenmerkend getal en een te kennen getal voor uw uitbating/management. Het is in eerste instantie niet de bedoeling om de kengetallen tussen bedrijven te gaan vergelijken. Enkele belangrijke kengetallen voor vleesvarkens zijn de bezettingsgraad, de groei/dier/dag, het aantal ronden/jaar, de hokdensiteit, de kg voederopname/dier/dag, het aflevergewicht, het uitslachtingspercentage, het percentage mager vlees, de spekdikte en de vleesdikte. Uit deze gegevens kunnen kengetallen zoals de groeisnelheid, de (commerciële, economische en nutritionele) voederconversie en het sterftepercentage worden berekend. Om deze kengetallen te kennen is het verzamelen van informatie, zoals het wegen van de varkens en het registeren van de voederopname, noodzakelijk. Maar nog belangrijker is het juist interpreteren  van de kengetallen.

Een aantal managementmaatregelen zoals de hokdensiteit, het aflevergewicht, het al dan niet uitladen, het gescheiden afmesten, het uitvasten en het afstellen van de voederbakken hebben een invloed op de kengetallen. Uit proeven blijkt dat bij een lagere hokdensiteit gedurende de biggen- en vleesvarkensfase een hogere dagelijkse groei en een hoger levend eindgewicht werden gerealiseerd. Daarnaast nam ook het frustratiegedrag bij de varkens af.

Kengetallen in de zeugenstal (Bert Driessen)

In de zeugenhouderij zijn er tal van managementprogramma’s ter beschikking om kengetallen te registreren. De laatste jaren wordt er gestreefd naar een steeds hoger productiegetal (30 of meer). Toch moet er rekening mee worden gehouden dat het streven naar meer biggen niet altijd zal leiden tot een beter economisch resultaat. Het is belangrijk om een optimum te vinden tussen de technische en economische kengetallen op uw bedrijf. Meer biggen resulteert vaak in overtallige biggen met een lager geboortegewicht en een hoger sterftepercentage. Het ondersteunen van de overtallige biggen gaat dikwijls gepaard met extra inspanningen en dus extra kosten, zoals het verstrekken van kunstmelk, al dan niet in combinatie met het gebruik van rescue decks of rescue cups.

Op vermeerderingsbedrijven kunnen we de kengetallen opdelen in twee categorieën: de kengetallen voor zeugen en de kengetallen voor biggen. Voor zeugen worden de volgende kengetallen geregistreerd: het interval spenen-bronst, het drachtpercentage na eerste inseminatie, het aantal herlopers/terugkomers, de drachtduur, de worpindex, het aantal verliesdagen en het vervangingspercentage. Voor de biggen in de kraamstal zijn de groei, het percentage mummies, het totaal aantal geboren biggen, het percentage doodgeboren biggen, het percentage levend geboren biggen (worpgetal), het productiegetal, het aantal doodgeboren versus gestorven biggen, het sterftepercentage, het speengewicht en de speenleeftijd de belangrijkste kengetallen. Het geboortegewicht is een kengetal dat meer en meer in de aandacht komt. Er zou een verband bestaan tussen het geboortegewicht en de groei van de biggen.

Hulpmiddelen om kengetallen te bepalen (Sanne Van Beirendonck)

Het registreren van technische kengetallen vergt tijd, maar de verhoogde arbeidstijd kan deels worden verhaald op de verbeterde kengetallen. Er zijn verschillende technieken beschikbaar, elk met een specifiek kostenplaatje.

Zeugen moeten gedurende verschillende productiecycli optimaal produceren. Het is dus essentieel dat ze in een goede conditie verkeren. Om de conditie te bepalen is het aangewezen om regelmatig (dracht dag 80, bij werpen en bij spenen) de spekdikte te meten. Hiervoor zijn er verschillende systemen op de markt, eventueel gekoppeld met andere functies. Het is aangewezen dat een zeug niet meer dan 4 mm spekdikte verliest tijdens de lactatie. Een te groot verlies aan spekdikte bemoeilijkt namelijk het opnieuw in bronst komen. Het opvolgen van het voederverbruik is mogelijk bij zeugen in groepshuisvesting met voederstations. Met behulp van elektronische identificatie wordt de zeug herkend en krijgt zij een aangepaste voederhoeveelheid ter beschikking, naargelang conditie, pariteit en gezondheid. Ook bij biggen en vleesvarkens is het registreren van de voederopname en het wegen van de varkens noodzakelijk om de voederconversie te kunnen berekenen. In de praktijk worden de gewichten vaak geschat en kunnen grote fouten worden gemaakt. Het wegen van de dieren is dus aangewezen. Verschillende weegsystemen zijn op de markt beschikbaar: hangwegers, mobiele weegschalen en vaste weegschalen. Hangwegers zijn geschikt voor biggen tot 15 kg. Om oudere biggen en vleesvarkens te wegen wordt geopteerd voor een mobiele of vaste weegschaal. Een mobiele weegschaal kan in het hok worden geplaatst. De varkens moeten wel geïdentificeerd worden met behulp van een elektronisch oormerk. Een vaste weegschaal, ingebouwd in de vloer van de centrale gang, is nuttig om biggen bij de overplaatsing naar de biggenbatterij of vleesvarkens op weg naar de transportwagen (voor transport naar het slachthuis) te wegen. Een weegschaal kan ook worden ingebouwd in het vleesvarkenshok zelf, waardoor de dieren op regelmatige tijdstippen kunnen worden gewogen. Een stap verder is de combinatie van een weegschaal met een voederstation. Soms worden camera’s boven de voederbak in de vleesvarkensstal gemonteerd. Iedere keer als een varken gaat eten, wordt een beeldscan gemaakt waarmee de computer het gewicht van het varken berekent als het gaat eten. Dit systeem bevindt zich echter nog in de testfase.

Alternatieven voor antibioticumgebruik rond het spenen (Sarah De Smet)

Bij het spenen worden biggen blootgesteld aan verschillende stressoren waardoor ze extra gevoelig zijn aan infecties. Speendiarree treedt frequent op gedurende de eerste twee weken na het spenen. Dit geeft aanleiding tot minder goede kengetallen in de biggenbatterij: een vertraagde groei, verhoogde uitval en een verhoogd medicijn(antibioticum)gebruik. Naast infectieuze oorzaken (vnl. de bacterie E. coli) spelen o.a. de huisvesting, het voeder en het management een rol in het ontstaan van deze multifactoriële aandoening. Het belang van een goede bioveiligheid en een goed management op het bedrijf wordt, door de nood aan een verantwoord antibioticumgebruik, nogmaals onderstreept. Aandacht moet worden besteed aan het minimaliseren van de speenstress: o.a. rustig verhokken van de biggen, indien mogelijk biggen enkele dagen langer in de kraamstal laten zitten, lagere hokbezetting, voldoende hoge temperatuur, optimale ventilatie, voldoende verlichting, en vlotte toegang tot voeder en drinkwater. Daarnaast is het belangrijk om de infectiedruk laag te houden door o.a. niet meer dan twee tomen te mengen, de  looplijnen te respecteren, het gebruiken van apart materiaal in elke afdeling, een goede reiniging en ontsmetting met voldoende leegstand en het toepassen van een goed ziektemanagement. Via het voeder kan worden ingespeeld op het aantal ongunstige (E. coli) bacteriën in het maagdarmkanaal, en het ondersteunen van de werking van de  darmcellen en het immuunsysteem van de biggen. Het stimuleren van de voederopname in de kraamstal en bij het spenen met een goed verteerbaar en gebalanceerd vast voeder is cruciaal. Enkele mogelijke alternatieven om te komen tot een verantwoord antibioticumgebruik zijn het gebruik van zinkoxide, organische zuren en antistoffen in het speenvoeder.

Pigs2win (Jef Van Meensel)

Het rekenmodel Pigs2win laat u toe om het bruto saldo en onderliggende kengetallen (o.a. voederconversie, groei, worpgrootte en varkensprijs) van gesloten varkensbedrijven te analyseren. Voorwaarde is dat de bedrijven geen biggen aankopen. Hoe werkt het model praktisch? Allereerst dienen de bedrijfskengetallen voor de vermeerdering en afmesting in het model te worden ingevuld. Hierbij is gekozen voor kengetallen die in de meeste boekhoudsystemen worden gemeten en worden verhoudingen (zoals de voederconversie) zo veel mogelijk vermeden. Op basis van de ingegeven kengetallen krijgt u (d.m.v. een grafiek) een idee van de technische prestaties van uw bedrijf ten opzichte van 14 andere bedrijven. De 14 bedrijven maken deel uit van de standaard dataset van het rekenmodel. Indien gewenst kunnen de bedrijven worden vervangen of worden uitgebreid met bijkomende bedrijven. Op basis van de grafiek kunt u 4 bedrijven selecteren waarmee u de technische en economische kengetallen (o.a. bruto saldo) van uw bedrijf vergelijkt (in tabelvorm). Zo krijgt u een idee van welke kengetallen op uw bedrijf kunnen verbeteren, wat de verbetermarges zijn en wat het economisch effect is van de verbeterde kengetallen. U kan zelf simulaties met de verschillende kengetallen uitvoeren. Het rekenmodel kan u helpen bij het nemen van beslissingen. Een voorbeeld: indien u overweegt om een duurder vleesvarkensvoeder aan te kopen, krijgt u door de simulatie een idee van welke verbeteringen in de voederconversie, groeisnelheid en varkensprijs (door betere karkaskwaliteit) nodig zijn om tot eenzelfde bruto saldo te komen. U kunt Pigs2win met handleiding downloaden via www.remiweb.be  (mits registratie). Het rekenmodel wordt nog verder verfijnd.

 

De studiedagen kaderden in het ADLO-demonstratieproject ‘Economische en technische kengetallen op het moderne varkensbedrijf’. Het project had als doel te komen tot een betere valorisatie/rendabiliteit van varkensbedrijven door het gebruik van economische kengetallen bij de bedrijfsvoering. Hierdoor kan het aanwezige productiepotentieel van de zeugen en vleesvarkens beter en meer duurzaam worden benut. Het tweejarig project liep tot eind 2013 en is gerealiseerd door KILTO, KU LeuvenǀThomas More, Proef- en Vormingsinstituut Limburg, Hogeschool Gent, Vlaams Varkensstamboek vzw, Katholieke Hogeschool VIVES en Boerenbond. Dit demonstratieproject werd medegefinancierd door de Europese Unie en het departement Landbouw en Visserij van de Vlaamse overheid.

U kan de presentaties van de studiedagen raadplegen:

Varkensloket
© Varkensloket | Gebruikersvoorwaarden
info@varkensloket.be - 09 272 26 67. Heeft u suggesties voor onze website of heeft u een link gevonden die niet werkt? Meld het via het contactformulier.
Vlaamse Overheid