Bedrijfsmanagement

Overzicht

Algemeen

  • Als je een proef wilt opzetten om het nut van bepaalde maatregelen te evalueren, word je al snel geconfronteerd met bepaalde praktijkbeperkingen. Het is belangrijk om je bewust te zijn van deze beperkingen en het feit dat de ‘ideale’ proefopzet in de praktijk vaak niet haalbaar is. Je laat je bij voorkeur begeleiden door specialisten ter zake. Evenwel kan je door het volgen van vijf basisprincipes al heel wat foutieve conclusies vermijden. We zetten ze even voor je op een rij: 1) formuleer concreet wat je wilt vergelijken, 2) voorzie voldoende herhalingen, 3) houd alles, behalve wat je wilt vergelijken, zo constant mogelijk, 4) meet en bereken de gewenste parameters en 5) interpreteer de resultaten met een kritische blik. 

    Meer weten?
    Lees het volledige artikel 'Proeven opzetten op je bedrijf - gebruik het vijfstappenplan'.
    Hier vind je eveneens de presentatie Opzetten van proeven op je bedrijf: een proevertje’ (pdf) en het protocol 'Proeven opzetten' (pdf) dat de belangrijkste punten op een rijtje zet.

  • Het Departement Landbouw en Visserij heeft naar aanleiding van de G30-varkenstop (een initiatief van de Vlaamse minister voor Landbouw in het voorjaar van 2016) een grootschalige bevraging bij Vlaamse varkenshouders gelanceerd. Dit vanuit de overtuiging dat het belangrijk is naar de ideeën en problemen van individuele varkenshouders te luisteren.  De resultaten van de bevraging kunt u nalezen op de website van Landbouw en Visserij.

  • De presentatie Fiscaliteit en juridische uitbatingsvormen (Bart Delarue, Dimitri Delbeke, Wim Stoops; 2017) geeft een overzicht van de verschillende uitbatingsvormen en de fiscale en juridische gevolgen.
  • In de presentatie Financieringsmogelijkheden (Jan De Keyser; 2017) worden de verschillende financieringsmogelijkheden stapsgewijs uitgelegd.
  • Tijdens de presentatie Balansen, financiële kengetallen en ratio-analyse (Benedicte Sanders, Wim De Roo, Freddy Distelmans; 2017) wordt het nut van het  opmaken van een balans en resultatenberekening duidelijk gemaakt. Hiervoor worden eerst enkele boekhoudkundige begrippen en financiële kengetallen toegelicht. Ter afsluiting worden de financiële aandachtspunten voor het landbouwbedrijf opgesomd.
  • Gedurende de presentatie BEB: principes, nut en benchmarking (Jan Verkest; 2017) worden de verschillende soorten boekhoudingen opgelijst en wordt de positieve impact van  het bijhouden van zowel een interne als een externe bedrijfseconomische boekhouding uitgelegd. Tot slot wordt het begrip van benchmarking uit de doeken gedaan.
  • De presentatie Ceres boekhouding (Isabelle Degezelle; 2017) geeft weer hoe men een zeugenboekhouding kan bijhouden. Door gegevens te registreren, de kengetallen te kennen en correct te interpreteren, kan men deze bijsturen indien nodig en zo het eindresultaat bij de vleesvarkens optimaliseren.

Deze presentaties kwamen aan bod tijdens de heropfrissingscursus ‘Economische en financiële begrippen en instrumenten'’ (jan-feb 2017).

  • De presentatie ‘Veeportaal’ (Patrick Werbrouck; 2012) toont de gebruiksmogelijkheden van Veeportaal aan (o.a. registeren van bestellingen en raadplegen van gegevens). Deze presentatie kwam aan bod tijdens de studiedag ‘Resultaten praktijkgerichte onderzoeksprojecten Veepeiler Varken’.
  • Bij controles maakt het FAVV gebruik van checklists. De checklist PRI 3134 Houden van varkens - traceerbaarheid (pdf)(01/11/2017) focust op de identificatie en registratie en wordt o.a. nagegaan of de verschillende registers aanwezig zijn en correct zijn ingevuld.

Marktinformatie grondstoffen, slachthuizen

  • Op de website van de Vlaamse overheid - Departement Landbouw en Visserij is marktinformatie van de slachthuizen, voederprijzen en vleeswarenindustrie terug te vinden. Bij het puntje ‘marktinformatie slachthuizen’ is de basisprijs voor varkens in euro/kg terug te vinden, alsook de gerealiseerde slachtingen van slachthuizen per week. In het onderdeel ‘voederprijzen BEMEFA’ de voederprijzen in euro/ton van de verschillende categorieën varkensvoeders weergegeven. De weergegeven prijzen worden berekend op basis van de commercieel meest verkochte formule per diersoort, waarin een gemiddelde korting is verrekend. De meat index en de evolutie van de prijzen van de varkensdelen is terug te vinden in ‘marktinformatie vleeswarenindustrie’.
  • De presentatie 'De gevolgen van de stijgende grondstoffenprijzen voor de intensieve veehouderij' (Yvan Dejaegher en Eric Hoeven; 2008) geven een overzicht van de grondstoffen- en mengvoederprijzen in Europa en België (2005-2008), het aandeel van de voederkostprijs in de totale kost bij varkens en perspectieven voor alternatieve grondstoffen. De presentatie werd gegeven tijdens de studiedagen ‘Varkenshouderij actueel 2008’.

Arbeid/arbeidsveiligheid

Samenwerkingsvormen/termijnmarkten

Technische en economische parameters/boekhoudresultaten

  • Het rapport 'Bedrijfseconomische resultaten Vlaamse land- en tuinbouw - dieren en gewassen 2009 - 2013' (Vrints G. et al; 2015) geeft een overzicht van opbrengsten, kosten en marges in de land- en tuinbouw voor de periode 2009 - 2013. Naast de dierlijke productie (varkens, rundvee en pluimvee) zijn ook de akkerbouw, fruit en groenten in openlucht ingesloten.
  • Het document 'Kengetallen: welke zijn bepalend voor de evaluatie van de bedrijfsvoering?'(pdf) (2016) geeft een overzicht van de belangrijkste te registreren kengetallen en benadrukt het correct interpreteren ervan. Ook de koppeling van de technische kengetallen aan de economische kengetallen mag zeker niet uit het oog verloren worden.
  • Het artikel 'Rendementsverschillen in de varkenshouderij' (2015) toont aan dat het bijhouden van bedrijfseconomische gegevens minstens zo belangrijk is als het bijhouden van technische kengetallen.
  • Het 'Focusrapport' (Vrints G. en Deuninck J.; 2014) beschrijft de technische en economische resultaten voor de vermeerdering, afmesting en (bijna) gesloten bedrijven (boekjaren 2011-2013) op basis van het Landbouwmonitoringsnetwerk. In de vermeerdering stijgen het aantal grootgebrachte biggen per zeug en de dagelijkse groei van de biggen. In tegenstelling tot wat zou worden verwacht, verbeterde bij de afmesting de voederconversie bij de vleesvarkens de laatste jaren niet. De bedrijven met het hoogste bruto saldo halen de beste technische kengetallen. Het verschil tussen het bruto saldo (BS) tussen de 50% bedrijven met het hoogste BS en deze met het laagste BS is groot.
  • De presentatie ‘Rendabiliteitsanalyse varkens (pdf)’ (Goedele Vrints; 2014) bespreekt de evolutie van de technische en economische kengetallen/resultaten uit de varkenshouderij voor de boekjaren 2010-2012 (voorlopige cijfers 2013). Deze cijfers geven de gemiddelden weer van de bedrijven die zijn ingesloten in het Landbouw Monitoringsnetwerk. De presentatie kwam aan bod tijdens de studienamiddagen ‘Rendabel varkens houden 2014’. Het verslag van de studienamiddag kan u nalezen via deze link.
  • Ludwig Lauwers toonde in zijn presentatie ‘Factoren van winst en verlies: over hef- en slagbomen (pdf)’ (2014) aan dat kleine verbeteringen (bv. in de technische kengetallen) een grote invloed kunnen hebben op het saldo van uw bedrijf. De presentatie kwam aan bod tijdens de studienamiddagen ‘Rendabel varkens houden 2014’. Het verslag van de studienamiddag kan u nalezen via deze link.

  • Het ‘Focusrapport’ (Vrints G., Deuninck J.; 2013) bouwt voort op de vorige rapporten en beschrijft de economische en technische resultaten voor de bedrijfstakken vermeerdering, afmesting en (bijna) gesloten bedrijven. De selectie van de bedrijven is licht aangepast en de spreiding van de economische en technische resultaten gebeurt nu op basis van het bruto saldo (BS) in plaats van het familiaal arbeidsinkomen (FAI).
  • De presentatie ‘Boekhoudresultaten varkenshouderij op basis van het Landbouwmonitoringsnetwerk’ (Goedele Vrints; 2013) bespreekt de evolutie van de technische en economische kengetallen/resultaten uit de varkenshouderij voor de boekjaren 2009-2011 (voorlopige cijfers 2012). Deze cijfers geven de gemiddelden weer van de bedrijven die zijn ingesloten in het Landbouw Monitoringsnetwerk. De presentatie kwam aan bod tijdens de studienamiddagen ‘Varkenshouderij Actueel 2013’. Het verslag van de studienamiddag kan u nalezen via deze link.
  • Het rapport 'Vlaamse bedrijfseconomische standaardwaarden varkenshouderij 2013' (Beleidsdomein Landbouw en Visserij; 2013) reikt gemiddelde standaarden aan die zijn gebaseerd op de vijfjaarlijkse gemiddelden (2007-2011) van de meest recent beschikbare boekhoudgegevens. Deze betrouwbare actuele gegevens kunnen worden gebruikt voor het opstellen van berekeningen, bedrijfsevaluaties en begrotingen.
  • Het rapport 'Technische en economische resultaten van de varkenshouderij op basis van het Landbouwmonitoringsnetwerk - Boekjaren 2009-2011' (Vrints G. en Deuninck J.; 2013) is ontstaan doordat er nood was aan onafhankelijke informatie over een aantal technische kengetallen en economische resultaten van de varkenshouderij. Het rapport gaat dieper in op de belangrijkste technische kengetallen en economische resultaten van de varkenshouder op basis van het Landbouwmonitoringsnetwerk.
  • Het rapport 'Technische en economische resultaten van de varkenshouderij op basis van het Landbouwmonitoringsnetwerk - Boekjaren 2008-2010' (Deuninck J. en Vrints G.; 2012) gaat dieper in op de belangrijkste technische kengetallen en economische resultaten van de varkenshouderij op basis van het Landbouwmonitoringsnetwerk van de boekjaren 2008, 2009 en 2010.
  • De brochure 'Vlaamse bedrijfseconomische richtwaarden varkenshouderij' (Beleidsdomein Landbouw en Visserij; 2011) werd als eerste actiepunt van het 'Vlaams actieplan voor de varkenshouderij' voorgesteld. De brochure kwam tot stand dankzij een werkgroep die zich heeft gebogen over de opmaak van betrouwbare, objectieve en actuele gegevens, die kunnen worden gebruikt voor het opstellen van berekeningen, bedrijfsevaluaties en begrotingen.
  • Het rapport 'Technische en economische resultaten van de varkenshouderij op basis van het Landbouwmonitoringsnetwerk - Boekjaren 2007-2009' (Deuninck J., D'Hooghe J. en Oeyen A.; 2010) gaat dieper in op de belangrijkste technische kengetallen en economische resultaten van de varkenshouderij op basis van het Landbouwmonitoringsnetwerk van de boekjaren 2007, 2008 en 2009.
  • Pigs2win is een rekenmodel dat u toelaat om het bruto saldo en onderliggende kengetallen van gesloten varkensbedrijven te analyseren. Voorwaarde is dat de bedrijven geen biggen aankopen. Het rekenmodel kan in de eerste plaats door adviseurs, maar eveneens door individuele varkenshouders en andere belanghebbenden, worden gebruikt. Met Pigs2win kunt u (1) kengetallen van verschillende bedrijven met elkaar vergelijken en/of (2) voor een bedrijf het economisch effect van een verbetering van 1 of meerdere kengetallen simuleren. U kunt Pigs2win met de handleiding downloaden via de website www.remiweb.be. Registratie is vereist. Op de website zullen geregeld geüpdatete versies van Pigs2win worden aangeboden. Meer informatie vindt u terug in de presentatie Pigs2win: een tool om uw kengetallen te analyseren (Jef Van Meensel; 2013) die aan bod kwam tijdens de studienamiddagen ‘Praktijkinformatie voor de varkenshouder 2013’.
  • Het artikel ‘Kengetallen in de biggenbatterij’ (Bert Driessen en Jos Van Thielen; 2010) werd gepubliceerd naar aanleiding van het demonstratieproject ‘Economische en technische kengetallen in het moderne varkensbedrijf’. Het artikel behandelt de kengetallen die belangrijk zijn voor de biggenbatterij, denk hierbij o.a. aan startgewicht, dagelijkse groei, voederconversie en uitval.
  • In de presentaties ‘Hulpmiddelen om kengetallen te bepalen’ (Sanne Van Beirendonck; 2013) en 'Technische kengetallen in de varkenshouderij' (Bert Driessen; 2012) wordt aandacht besteed aan de technische kengetallen in de biggenbatterij. Deze presentaties kaderen in het demonstratieproject ‘Economische en technische kengetallen in het moderne varkensbedrijf’. De presentaties werden gegeven tijdens de studienamiddagen ‘Praktijkinformatie voor de varkenshouder 2013’ en de opfrissingscursussen ‘Rendabiliteit in de varkenshouderij 2012’. Ter afronding van het demoproject werd het praktijkrapport ‘Economische en technische kengetallen in het moderne varkensbedrijf’ samengesteld.
  • De bedrijfseconomische richtwaarden varkens werden verduidelijkt gedurende de presentatie 'Vlaamse bedrijfseconomische richtwaarden varkenshouderij' (Goedele Vrints; 2012). Deze presentatie maakte deel uit van de opfrissingscursussen ‘Rendabiliteit in de varkenshouderij’.
  • De presentatie 'Wat is rendabiliteit' (Luc Somers; 2012) geeft informatie over de berekening van de rendabiliteit op varkensbedrijven en de economische resultaten van de varkenshouderij. Deze presentatie kwam aan bod tijdens de opfrissingscursussen ‘Rendabiliteit in de varkenshouderij’ (januari en februari 2012).

Kraamstalmanagement

  • In de presentatie ‘Meerwekensystemen’ (Jos Van Thielen; 2016) worden de bevindingen van een enquête over de toegepaste wekensystemen in Vlaanderen besproken. Ook het alternerend spenen komt aan bod. Aangezien uit de enquête blijkt dat de speenleeftijd de laatste jaren daalt, wordt dieper ingegaan op het effect van de speenleeftijd op de bigontwikkeling en de zeug. Deze presentatie kwam aan bod tijdens de heropfrissingscursus ‘Kraamstalmanagement’ (jan-feb 2016).

  • De presentatie ‘Worpinductie en –assistentie’ (Sarah De Smet; 2016) focust op het correct toepassen van worpinductie en worpassistentie. Bij het uitvoeren van deze  hulp wordt de focus gelegd op een goede hygiëne en het beperken van stress. Deze presentatie kwam aan bod tijdens de heropfrissingscursus ‘Kraamstalmanagement’ (jan-feb 2016).

  • In de presentatie ‘Biestmanagement’ (Ilse Declerck; 2016) wordt het belang van biest op korte en lange termijn verder uitgediept. Deze presentatie kwam aan bod tijdens de heropfrissingscursus ‘Kraamstalmanagement’ (jan-feb 2016).

  • In de presentatie ‘(Bij)voeding van biggen in kraamstal of nursery’ (Jeroen Degroote; 2016) wordt ingegaan op de melkgift en -samenstelling. Ook opfokmaatregelen zoals het intermitterend spenen,  het inzetten van pleegzeugen, het bijvoederen van melkproducten en het geven  van snoepvoeder komen aan bod. Deze presentatie kwam aan bod tijdens de heropfrissingscursus ‘Kraamstalmanagement’ (jan-feb 2016).

  • Het artikel 'biest: een cruciaal samenspel tussen zeug en big' (2015) geeft een overzicht van de belangrijkste aanbevelingen voor een optimale biestproductie door de zeug en biestopname door de big.
  • Tijdens de demodagen 'Overtallige biggen: Hoe ALLE biggen in de vleesvarkensstal krijgen' (2012) werden in een presentatie de resultaten van een 'Enquête gehouden bij Vlaamse zeugenhouders' besproken (Hanne Vandenberghe en Dirk Fremaut; 2012). In de enquête werd gevraagd naar de bedrijfsspecificaties zoals het gebruik van meerwekensystemen, type zeug, technische kengetallen en opfoksystemen. In een volgende 'presentatie' en 'tekst' wordt aandacht geschonken aan het verleggen van biggen, alternerend laten zuigen en het gebruik van pleegzeugen. U kan het verslag van de demodagen nalezen.
  • Voor de opfok van de overtallige biggen worden verschillende maatregelen, zoals verleggen, bijvoederen, pleegzeugen, voorspenen en alternerend zogen toegepast. Het is belangrijk om de kleine biggen binnen de eerste vijf dagen na de geboorte te ondersteunen. De aandachtspunten van elke strategie worden in de presentatie ‘Maatregelen in de kraamstal i.f.v. maximale overleving van de biggen’ (Sarah De Smet; 2012) besproken. De biestopname bij de moederzeug is bij elke strategie tijdens de eerste levensdag essentieel. Ook moet worden benadrukt dat, in het kader van een goede interne bioveiligheid, het verleggen van biggen dient te worden beperkt. Deze presentatie kwam aan bod tijdens de studiedagen ‘Varkenshouderij Actueel 2013’. Het verslag van de studienamiddag kan u nalezen via deze link.
  • In de presentatie 'Te veel doodgeboren biggen is een probleem, is te veel levend geboren biggen dat ook? (Jeroen Degroote; 2012) wordt beschreven wat IUGR biggen zijn. Daarnaast worden enkele opfokmaatregelen, die na het werpen kunnen worden toegepast om IUGR biggen te redden, toegelicht. De presentatie kwam aan bod tijdens de studiedagen die in het kader van het demoproject ‘Doodgeboren biggen en uitval bij de biggen op het moderne varkensbedrijf’ .

VLIF-steun

  • Het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF) ondersteunt Vlaamse land- en tuinbouwers op financieel vlak. Op de website van de Vlaamse overheid - Departement Landbouw en Visserij is informatie terug te vinden over VLIF-steun, die land- en tuinbouwers kunnen aanvragen. Het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds biedt o.a. verschillende steunmaatregelen, zoals vestigings- en investeringssteun aan, elk met hun eigen doel, vorm en voorwaarden. VLIF-dossiers voor investeringssteun kunnen vanaf 1 februari 2013 elektronisch worden ingediend via het e-loket .
  • De presentatie 'VLIF-steun voor varkenshouders: regelgeving en nieuwe voorwaarden' (Johan De Schryver; 2011) geeft toelichting bij de VLIF-regelgeving. De presentatie kwam aan bod tijdens de studienamiddagen ‘Varkenshouderij actueel 2011’.
  • In de hand-outs van de presentatie 'Varia' (Suzy Van Gansbeke; 2008) worden kort de voorwaarden voor VLIF-steun toegelicht (situatie 2008). Deze presentatie werd toegelicht tijdens de studiedagen ‘Varkenshouderij actueel 2008’.

(Auto)controle, lastenboeken en kwaliteitslabels

  • Sinds 1 januari 2016 is het nieuwe ‘Certus lastenboek’ van kracht. Als producent kan u hier informatie vinden over het Certus-label, zoals hoe u kan aansluiten bij Certus, aan welke voorwaarden u moet voldoen en welke documenten u moet bijhouden. Tijdens de jaarlijkse of periodieke controle maakt de controleur gebruik van de bijhorende ‘Certus-checklijst(versie 01/01/2016). Elke deelnemer aan het Certus-kwaliteitslabel dient aan het ‘Certus-reglement’ (versie 01/01/2016) te voldoen. Om een overgang tussen het 'oude' en 'nieuwe' lastenboek te maken werd een Certus-overgangsregeling gemaakt. Vanaf 1 januari 2014 moeten alle verstrekte antibacteriële middelen en met antibiotica gemedicineerde voeders worden geregistreerd in een antibiotica-databank. Het Certus-label wordt beheerd door Belpork vzw, deze organisatie certificeert op een onafhankelijke en objectieve wijze het Certus-systeem van boer tot winkel.
  • De brochure 'Een FAVV-controle zonder zorgen (FAVV; 2012) geeft o.a. informatie over het verloop van de controles die worden uitgevoerd en het begrip autocontrole. Om alle operatoren op eenzelfde manier te controleren, wordt gebruik gemaakt van check-lists zoals 'PRI 3285 Landbouwbedrijf - Infrastructuur, inrichting en hygiëne (pdf)' (01/11/2017).
  • De presentatie 'Certificering en autocontrole in de dierlijke sector' (Sigrid De Ketelaere; 2008) verduidelijkt het ontstaan van lastenboeken en de sectorgids, vergelijkt beide en geeft informatie over de inhoud van de sectorgids dierlijke productie. Deze presentatie werd besproken tijdens de studiedagen ‘Praktijkinformatie voor de varkenshouder 2008’.
  • Het lastenboek CodiplanPLUS is van toepassing op varkensbedrijven die hun varkens naar de Duitse QS-markt commercialiseren. CodiplanPLUS is eveneens een vereiste voor zeugenbedrijven die hun biggen aan Certus-mestbedrijven leveren. Het lastenboek moet samen met de sectorgids G-040 module C  worden gebruikt. De bijkomende checklist van CodiplanPLUS wordt tijdens de audit van de G-040 mee gecontroleerd. Bovenstaand lastenboek, de sectorgids module C en de checklist kan u raadplegen door te klikken op de volgende link.
  • In de hand-outs van de presentatie 'Zelf voeder mengen: wat zegt de autocontrolewetgeving en wat staat in de sectorgids dierlijke productie' (Isabelle Vuylsteke; 2009) worden de erkenning, toelating of registratie die u nodig hebt als zelfmenger verduidelijkt. Deze presentatie werd gegeven tijdens de studiedagen ‘Praktijkinformatie voor de varkenshouder 2009: zelf mengen’.

     

Vraag en antwoord

  • Zou u mij informatie kunnen bezorgen over de zaken die op mijn factuur, bij het leveren van varkens, worden afgetrokken. Hoeveel bedraagt het bijdrage voor het afzetfonds en het IVK? Lees het antwoord op de vraag na. 
  • Zijn er studies bekend omtrent de economische rendabiliteit betreffende spenen op 21 dagen in vergelijking met spenen op 28 dagen leeftijd van biggen? Lees het antwoord op de vraag na.
  • Ik ben een professionele varkenshouder en de eerste biggen zijn geboren. Ik weet dat ik deze moet oormerken bij spenen. Maar welke andere stappen moet ik nog ondernemen? Lees het antwoord op de vraag na. 
  • Moet een veehouder sinds 1/12 een vergunning hebben voor ontsmettingsmiddelen, reinigingsmiddelen, waterontsmettingsmiddelen (BIOCIDE). Hoe gaat dat praktisch in zijn werk? Lees het antwoord op de vraag na. 
  • Ik ben student Dierenzorg op de Vives hogeschool in Roeselare. Voor het vak anatomie hebben wij de opdracht gekregen om een poot te prepareren (opzetten). Via een varkensbedrijf ga ik binnenkort een varkenspoot bekomen. Graag wil ik mij eerst bij jullie informeren over de wetgeving inzake de destructie en verwerking van varkenskrengen in België en over eventuele preparatietechnieken. Is het mogelijk om mij daar de nodige informatie over te bezorgen? Lees het antwoord op de vraag na.
  • Graag had ik eens geweten welke informatie er voorhanden is over scharrelvarkens. Ik bedoel dan varkens die een ruimte hebben om buiten te lopen en te scharrelen, zonder dat ze in de weide lopen. Een soort van buitenbeloop. Is daar informatie aanwezig in het buitenland over dergelijk systeem? Misschien is dit iets nieuw en is er nog niets over bekend of verschenen? Lees het antwoord op de vraag na. 
  • Kunt u me zeggen waarmee ik allemaal rekening moeten houden als ik in bijberoep start met speciale varkensrassen te kweken, die vrij kunnen buiten en binnen lopen, en de biggen al dan niet opkweek voor het vlees. Lees het antwoord op de vraag na.
  • Bestaat er een onafhankelijke studie i.v.m. rendabiliteit bij het gebruik van een nursery voor overtallige biggen? Is dit rendabel? Gaan deze biggen tijdens de latere afmestperiode ook niet langer moeten worden aangehouden of m.a.w. hebben deze varkens geen lagere dagelijkse groei en veel hogere voederconversie? Zijn daar studies over? Lees het antwoord op de vraag na.
  • Kunt u mij zeggen waar ik volgens de wet mijn medisch afval afkomstig van mijn landbouwbedrijf moet laten? Lees het antwoord op de vraag na.
  • Ik heb een vraag betreffende de verplichte bijdrage voor het Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en dierlijke producten (sanitaire bijdrage). Wie is er eigenlijk verantwoordelijk voor het betalen van deze bijdrage: de sanitair of de financieel verantwoordelijke? Lees het antwoord op deze vraag na.
  • Wat zijn de gevolgen indien ik een aantal varkens buitenbeloop geef i.v.m. de gecontroleerde huisvesting op het VKI (voedselketeninformatie)? Kan ik dan nog biggen verkopen aan een ander bedrijf of voldoen deze dan niet meer aan de gecontroleerde huisvesting op het andere bedrijf? Lees het antwoord op de vraag na.
  • Wij zijn van plan een machineloods om te bouwen tot een varkensstal. Hiervoor zullen we onze milieuvergunning wijzigen. Nu vragen we ons af of we ook een nieuwe stedenbouwkundige vergunning moeten aanvragen. Aan het uitzicht van het gebouw zullen geen wijzigingen worden aangebracht. Lees het antwoord op de vraag na.
  • Hebt u cijfers van de verwarmingskost in kraamstallen? Hoeveel mazout (liter) is gemiddeld nodig per zeug? U kan het antwoord op deze vraag nalezen.
  • Wat is het elektriciteitsverbruik voor een zeugenstal van 650 zeugen met biggen t.e.m. 25 kg. U kan het antwoord op deze vraag nalezen.
  • Is een alarm verplicht in de vleesvarkensstal? Is een alarm verplicht in de zeugenstal? Indien een alarm verplicht is aan welke voorwaarden moet het alarm dan voldoen? U kan het antwoord op deze vraag nalezen.
  • Vanaf welke datum of vanaf welke periode wordt er gerekend voor de sanitaire bijdrage voor varkenshouders. Als een varkenshouder tijdelijk (bijvoorbeeld een jaar) minder varkens houdt dan dat hij plaats heeft, moet hij dan minder sanitaire bijdrage betalen? U kan het antwoord op deze vraag nalezen.
  • Voor de stopzetting van mijn varkensbedrijf heb ik enkele vragen. Vanaf wanneer moet ik geen sanitaire bijdrage meer betalen en welke formulieren moet ik hiervoor invullen. Lees het antwoord op de vraag na.
  • Voor de opfok van moederloze biggen heb ik weet van een kunstzeug die wordt gebruikt. Na het uitdoseren maakt het apparaat een knorrend geluid zoals de zeug dit doet om de biggen te lokken. Wordt dit systeem nog gebruikt? Zijn er alternatieven voor de opfok van overtallige biggen? Zijn er verschillen in de groei tussen biggen die door de zeug worden grootgebracht of deze die kunstmelk krijgen? U kan het antwoord op deze vraag nalezen.

 

Varkensloket
© Varkensloket | Gebruikersvoorwaarden
info@varkensloket.be - 09 272 26 67. Heeft u suggesties voor onze website of heeft u een link gevonden die niet werkt? Meld het via het contactformulier.
Vlaamse Overheid