Studienamiddag de gevaren van mest- en kuilgassen

Nog te vaak gebeuren ongevallen met mest- en kuilgassen omdat de risico’s worden onderschat. Op 3 juli ging Ing. Jetty Middelkoop (Adviseur Gevaarlijke Stoffen bij Brandweer Amsterdam-Amstelland) tijdens een studiedag dieper in op deze gevaren en werd de nadruk gelegd op het nemen van goede veiligheidsmaatregelen.

Mestgassen

Het grootste gevaar voor het vrijkomen van mestgassen (H2S, CO2, HCN, NH3 en NH4) treedt op bij het mixen van mest, het verpompen van mest, het openen en het betreden van mestopslagen. Maar ook bij het lekken van brijvoeder in de mestput, het toevoegen van spuiwater aan de mest en het aanzuren van de mest is er kans op sterke gas- en schuimvorming.

Vooral het giftige waterstofsulfide (H2S) en het verstikkende koolstofdioxide (CO2), beiden zwaarder dan lucht, kunnen in lager gelegen delen van de stal blijven hangen. Daarnaast zijn bepaalde mestgassen (NH3, H2S, HCN en NH4) brandbaar en explosief.

Bij werkzaamheden is het belangrijk om voldoende veiligheidsmaatregelen te nemen. Zo wordt er afgeraden om bij windstil weer te mixen. Tijdens het mixen moet de stal maximaal worden geventileerd. Houdt rekening met de grootte van de luchtinlaat en ventileer niet tegen de wind in. Mestopslagen worden in principe niet betreden! Bij werken aan de mestopslag is het noodzakelijk om dit zorgvuldig te plannen en alle nodige beschermingsmaatregelen (o.a. adembescherming, takel, hijsmiddelen en wacht) te nemen. In de praktijk is dit veelal niet mogelijk waardoor het aangewezen is om de werken uit te besteden aan een gespecialiseerd bedrijf.

Kuilgassen

Bij een maïs- of graskuil vormen koolstofdioxide (CO2) en nitrieuze gassen (NOx) het grootste gevaar. Ook deze gassen zijn zwaarder dan lucht, waardoor ze laag bij de grond blijven hangen. Zowel CO2-gas als NOx-gassen worden reeds onmiddellijk na het inkuilen gevormd. Hoewel CO2 gedurende het hele inkuilproces aanwezig blijft, wordt de piekconcentratie van NOx-gassen op de vierde à vijfde dag bereikt. Na twee weken zijn de NOx-gassen (meestal) verdwenen. De geproduceerde hoeveelheden NOx-gassen zijn afhankelijk van de hoeveelheid stikstof in het ingekuilde gewas en variëren jaarlijks.

Het bol staan van de plastic wijst op gasvorming, voornamelijk veroorzaakt door het CO2-gas. Bij NOx-gassen is er een roodbruine damp zichtbaar en hangt er een prikkelende chloorachtige lucht. Rondom de kuil kunnen er dode grijsverkleurde planten of oranje-bruin verkleurde maïsresten aanwezig zijn. Ook het aantreffen van dode wormen, insecten en muizen rondom de kuil kunnen wijzen op NOx-gassen.

Bekijk de presentaties:

Daarnaast biedt de informatiefolder 'Kiek uut met stront (pdf)', u een leidraad voor het veilig werken in mestopslagen.

Lees ook het artikel 'Mest en kuilgassen: gevaarlijker dan u denkt' (pdf) en het persbericht 'Mestgassen: (levens)gevaarlijk, onderschat en hulpprocedures onbekend (pdf)' (PreventAgri - 03/07/2014).

Varkensloket
© Varkensloket | Gebruikersvoorwaarden
info@varkensloket.be - 09 272 26 67. Heeft u suggesties voor onze website of heeft u een link gevonden die niet werkt? Meld het via het contactformulier.
Vlaamse Overheid