Management of verrijkingselementen aanpassen om staartbijten te voorkomen

Varkens bijten in elkaars staart wanneer ze agressief of gefrustreerd zijn. Dit is voornamelijk een probleem bij vleesvarkens van 40 à 50 kg. Het bedreigt het welzijn van de dieren en zorgt voor extra verlies voor de varkenshouder.

Op 1 februari 2013 startte het project ‘Onderzoek naar aanpassingen van het management of verrijkingselementen ter voorkoming van staartbijten en kannibalisme bij varkens’. Het hoofddoel is mogelijke praktijkoplossingen te onderzoeken en aan te reiken om frustratiegedrag en agressie bij varkens in praktijkbedrijven te reduceren. Gezien de extra verliezen heeft de varkenshouder er baat bij dat de dieren zo weinig mogelijk frustratie of agressie vertonen. In het project zal worden nagegaan in welke mate omgevingsverrijking en managementaanpassingen een invloed kunnen uitoefenen op het staartbijtgedrag. Zo wordt bijvoorbeeld nagegaan wat het effect is van de beschikking over kleine hoeveelheden stro, voederbakken met verrijkingselementen en de beschikbaarheid van vluchtmogelijkheden (vluchtpanelen en verhoogde etage). Daarnaast wordt ook de invloed van het gescheiden afmesten (gelten/beren) nagegaan. De aangepaste managementomstandigheden en uitgeteste verrijkingselementen worden tot slot toegepast bij een groep biggen met intacte staarten. Zo wordt nagegaan of door de introductie van doeltreffende omgevingsverrijking en managementaanpassingen het routinematig couperen van biggenstaarten achterwege kan worden gelaten.

Hieronder vindt u een overzicht van de gepubliceerde nieuwsbrieven:

  • Deerste nieuwsbrief licht de doelstellingen van het project toe. Gedurende het project wordt de invloed van verrijkingsmateriaal (bv. stro), vluchtmogelijkheden (vluchtpanelen en verhoogde etage) en gescheiden afmesten op het staartbijtgedrag van vleesvarkens nagegaan.
  • In de tweede nieuwsbrief worden enkele mogelijke afleidingsmaterialen beschreven die bij vleesvarkens kunnen worden gebruikt. Onder meer worden de aandachtspunten van enkele uitgeteste stro-applicaties, zoals een ruif, wroetbak, dosator en koker opgelijst.
  • De derde nieuwsbrief informeert u over de resultaten van een proef met vleesvarkens met intacte staarten. Het voorzien van afleidingsmateriaal (strokokers met geperste stroblokken) verlaagde het voorkomen van manipulatiegedrag. Bij de zwaardere vleesvarkens (90-120 kg) bleek de aanwezigheid van een schuilpaneel in het hok het bijtgedrag te verhogen. Het manipulatiegedrag verschilde naargelang het type varken: meer bijt- en neusgedrag bij de varkens met een aanleg voor een betere slachtkwaliteit/ conformatie vergeleken met groeitype-varkens.
  • De vierde nieuwsbrief focust op het effect van enkele managementaanpassingen (het gescheiden afmesten in aparte hokken, het voorzien van een schuilwand en een verhoogd platform) op het gedrag en de dierprestaties. Uit de proeven bleek dat elk van de aanpassingen zowel voor- als nadelen heeft. Naar gedrag waren de hokken met een platform (vluchtmogelijkheid en lagere hokdensiteit) het meest gunstig daar de varkens elkaar minder manipuleerden. De varkens in de hokken met schuilpanelen bereikten op de weegmomenten hogere gewichten.

Enquête over afleidingsmateriaal:
Uw ervaringen over afleidingsmateriaal kan u delen door de enquête in te vullen door te klikken op deze hyperlink. De enquête invullen vergt slechts een vijftal minuten.

Tijdens de 'Nocturne van het varken' op woensdag 30 september 2015 werden de resultaten uit het project toegelicht. Er werd besloten dat er niet één oplossing is om staartbijtgedrag te reduceren. Het voorkomen van schadelijk bijtgedrag wordt nl. beïnvloed door meerdere factoren (multifactorieel) zoals de hokdensiteit, het stalklimaat, het seizoen, de genetica, het karakter, het type vaderdier, het geslacht, de leeftijd, het gewicht, de diergezondheid en de voedersamenstelling. Het nemen van preventieve maatregelen geniet duidelijk de voorkeur. Hoewel het voorkomen van bijtgedrag het hoogst is bij vleesvarkens tussen 40 en 50 kg, is het noodzakelijk om bij alle leeftijdsgroepen aandacht te hebben voor frustratiegedrag en adequaat afleidingsmateriaal.

Het project loopt over twee jaar en wordt gefinancierd door het FOD Volksgezondheid. De uitvoerders van het project zijn Thomas More Kempen, Afdeling Dier en Welzijn en Katholieke Universiteit Leuven, Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen, departement Biosystemen en Huisdierengenetica.

Contactpersoon: Bert Driessen (bert.driessen@kuleuven.be)

Varkensloket
© Varkensloket | Gebruikersvoorwaarden
info@varkensloket.be - 09 272 26 67. Heeft u suggesties voor onze website of heeft u een link gevonden die niet werkt? Meld het via het contactformulier.
Vlaamse Overheid